Kinderen die huid op huid gelegd worden of kangoeroeën zijn eerder klaar om aan de borst te drinken en kunnen sneller komen tot een voeding met uitsluitend moedermelk. Tijdens het huidcontact ruikt de baby de geur van moedermelk en wordt hij of zij optimaal ondersteund in het drinken aan de borst. Tijdens de eerste fase (het sabbelen), ervaart de baby hoe druppels moedermelk smaken en hiermee begint het oefenen van het zuig-, slik-, ademproces. Oefening baart kunst! Hoe meer de baby kan oefenen, hoe vlotter de borstvoeding kan verlopen.
Moedermelk
Kolven
Kolven is noodzakelijk wanneer een baby door onrijpe voedingsvaardigheden geen moedermelk rechtstreeks via de borst kan krijgen. Ook bij fysieke scheiding tussen mama en baby is kolven essentieel om toch moedermelk te kunnen aanbieden, bijvoorbeeld via een flesje of sonde.
Het kolven kort na de geboorte helpt om de melkproductie op gang te brengen. Dit gebeurt bij voorkeur binnen het uur na de geboorte. Indien dit niet mogelijk is, wordt er gestreefd naar 3 tot 6 uur na de geboorte. De gekolfde melk kan als voorraad aangelegd worden voor de baby. Het is belangrijk dat er regelmatig wordt gekolfd om de melkproductie te optimaliseren. Het is aanbevolen om minstens 8 keer per dag te kolven, ook ’s nachts. Tussen twee kolfbeurten mag maximaal 5 uur zitten. Kolven gebeurt tot de borst leeg is, meestal 10 tot 20 minuten per borst. Frequenter kolven in de eerste dagen verhoogt de kansen op een langdurigere melkproductie.
Zo ga je te werk bij het handmatig kolven:
1. Zorg ervoor dat je handen proper zijn en dat alles binnen handbereik ligt.
2. Bereid de borsten voor door ze te masseren en eventueel warme kompressen te gebruiken.
3. Houd je borst vast met je hand, plaats je duim boven de tepel en je wijs- en middelvinger eronder, ongeveer 2,5 tot 4 cm van de tepel af. Je hand vormt hierbij een ‘C’.
4. Duw je vingers voorzichtig richting je borstkas, zonder dat je vingers over de huid glijden of uit elkaar bewegen.
5. Rol je duim en vingers tegelijk naar voren, alsof je een knijpbeweging maakt. Vermijd dat je aan de tepel trekt.
6. Door deze beweging worden de melkkanaaltjes achter de tepel geleegd. De positie van je vingers blijft hetzelfde tijdens deze handeling.
7. Herhaal deze beweging ritmisch en verplaats je hand rondom het tepelhof, zodat de hele borst goed geleegd wordt.
8. Zodra de melkstroom afneemt, wissel je naar de andere borst.
Vaak is het gebruik van een elektrisch kolfapparaat naast het manueel kolven noodzakelijk om de melkproductie op gang te krijgen indien de baby zelf niet kan aangelegd worden. Het gebruik van een kolfapparaat wordt uitgelegd in het luik hulpmiddelen.
Verse moedermelk heeft de hoogste voedingswaarde en kan bij kamertemperatuur tot 4 uur bewaard worden. In de koelkast is de bewaartijd 4 dagen. In de diepvries is dit 6 tot 12 maanden. Moedermelk moet zo snel mogelijk worden ingevroren. Raadpleeg zeker de vroedvrouw of de verpleegkundige van de dienst voor praktische afspraken omtrent het invriezen, meebrengen van moedermelk enz. De richtlijnen in het ziekenhuis kunnen namelijk verschillen met de richtlijnen thuis.
Overgebleven melk
Resten van moedermelk mogen niet opnieuw opgewarmd worden. Bewaar en ontdooi daarom steeds kleine porties. Warm verse melk ook altijd op in kleine hoeveelheden. Bewaar de melk in een goed, afgesloten potje, flesje of speciale moedermelkzakjes.
Opwarmen van gekolfde moedermelk
Het is belangrijk om moedermelk voorzichtig op te warmen zodat de antistoffen kunnen behouden worden. Vermijd het gebruik van de microgolf. Het is beter om de melk onder stromend water of au bain-marie op te warmen tot maximaal 37°C. Melk uit de koelkast kan direct op deze manier worden verwarmd.
Invriezen van moedermelk
Wanneer duidelijk is dat moedermelk in de komende vier dagen niet gebruikt zal worden, is het aan te raden deze in te vriezen. Idealiter gebeurt dit onmiddellijk na het kolven. Zo kan er een voorraad moedermelk opgebouwd worden die beschikbaar is wanneer de baby mag starten met drinken na een periode van voeding via het infuus.
Moedermelkbank
Er bestaan in België twee externe moedermelkbanken. De donormelkbanken zamelen moedermelk in van gezonde mama’s die meer melk produceren dan hun eigen baby nodig heeft. Deze donormelk wordt zorgvuldig getest, verhit om bacteriën te doden (pasteuriseren), en verdeeld naar prematuren en ernstig zieke baby’s die geen of onvoldoende moedermelk van hun eigen mama kunnen krijgen. Elke NICU in België wordt voorzien van een voorraad aan donormelk.
Meer weten?
Let op: moedermelk die via niet-officiële circuits wordt verkregen is niet veilig. Deze donormelk wordt niet zorgvuldig gecontroleerd wat risico’s voor de baby kan opleveren.
Medicatie en borstvoeding
Bij het gebruik van medicatie tijdens de borstvoedingsperiode of tijdens het kolven van moedermelk is het belangrijk om dit zorgvuldig te bespreken met een arts of vroedvrouw. Hoewel veel geneesmiddelen als veilig worden beschouwd, kunnen sommige via de moedermelk aan de baby worden doorgegeven. De veiligheid van geneesmiddelen kan ook worden nagegaan via betrouwbare bronnen zoals de apps MediMama en LactRx en via de website van e-lactancia. Het is belangrijk om de verkregen informatie steeds af te toetsen met een zorgverlener.
Early Feeding Skills (EFS) betekent letterlijk vertaald 'vroege voedingsvaardigheden'. Het is een voedingsschaal om de voedingsvaardigheden van premature baby’s te ondersteunen en te beoordelen. Het doel van de EFS-methode is om ouders en zorgverleners te helpen de signalen van de baby te herkennen en het voedingsproces aan te passen aan de individuele behoeften van de baby.
Eén van de belangrijkste voorwaarden om de baby te ondersteunen in de EFS-methode is na te gaan of de baby klaar is om gevoed te worden.
Een baby die klaar is om gevoed te worden:
- is voldoende alert en de zoekreflex kan uitgelokt worden*
- heeft het lichaam in gebogen houding met handen/armen naar de middellijn
- heeft goede parameters (hartslag/saturatie/ademhaling)
- heeft voldoende energie
Pas als deze signalen zichtbaar zijn, kan de borst aangeboden worden.
* De zoekreflex kan uitgelokt worden door zachtjes met de vinger of tepel langs de wang of de mondhoek van de baby te strijken.
Het drinkproces van de baby kan aan de hand van drie vragen geëvalueerd worden:
1. Stopt de baby zelf met zuigen om te ademen?
Een te vroeg geboren baby kan nog niet ademen tussen het zuigen en slikken. Hij zal dus regelmatig moeten stoppen met zuigen en slikken om te kunnen ademen. Vaak zien we dat prematuur geboren baby’s het zuigen boven het ademen verkiezen. Dit kan ervoor zorgen dat de baby een alarm doet of zich verslikt. Je kan als ouder de baby helpen om het zuigen en slikken te stoppen, zodat de baby kan ademen. Dit doe je door de baby tijdelijk van de borst te halen of de borst zachtjes los te maken, zodat hij/zij een pauze kan nemen om te ademen. Dit wordt ook wel ‘pacing’ genoemd.
2. Loopt de voeding niet te snel?
Als de baby de voeding uit zijn/haar mondje laat lopen, begint te hoesten of meerdere slikbewegingen maakt, dan loopt de voeding te snel. Dit komt vaak voor bij een sterke toeschietreflex. Als je merkt dat de melk te snel komt, kan je de borst even losmaken en opnieuw aanleggen, zodra de melkstroom afneemt.
3. Wordt de baby moe tijdens de voeding?
Als de baby moe wordt, valt de spierspanning weg waardoor de armen slap naast het lichaam gaan hangen. Voor het veilig drinken is een goede spierspanning nodig, zodat de coördinatie van de bovenste luchtwegen veilig kan verlopen. Je kan de spierspanning ondersteunen en energieverlies beperken door de baby in zijligging te plaatsen en de romp goed te ondersteunen. Dit kan door een borstvoedingskussen of een ander ondersteunend hulpmiddel te gebruiken. Zorg er steeds voor dat de romp en het hoofdje in één lijn liggen.
Hulpmiddelen
- Tepelhoedje
Een tepelhoedje is een siliconen hulpmiddel in de vorm van een tepel. Het kan ingezet worden bij problemen met de borstvoeding. Het bestaat in verschillende maten, afhankelijk van de grootte van de tepel. Vooraleer een tepelhoedje te gebruiken, is het echter belangrijk om hulp te zoeken en de baby correct aan de borst te leggen.
Het gebruik van een tepelhoedje kan voor een betere positionering van de tepel in de mond van de baby zorgen. Ook bij een te zwakke zuigkracht kan een tepelhoedje een oplossing bieden. Het afbouwen van het tepelhoedje is aangewezen wanneer de baby op een comfortabele manier, voldoende aan de borst drinkt.
- Borstvoedingskompressen
Borstkompressen absorberen overtollige moedermelk, bevorderen hygiëne door tepels droog te houden (indien regelmatig gewisseld), bieden comfort en kunnen verwarmd of gekoeld worden voor pijnstilling. Ze zijn beschikbaar in wegwerpbare en herbruikbare varianten.
- Kolfapparaten
Een kolftoestel is een apparaat dat met een pompsysteem vacuüm creëert waardoor melk uit de borst(en) wordt gezogen. Er bestaan zowel handmatige als elektrische kolftoestellen. Om de melkproductie te stimuleren is een dubbelzijdige elektrische kolf de beste keuze. Dubbelzijdig kolven bespaart tijd, stimuleert beide borsten tegelijk en zorgt voor een hogere melkproductie en efficiënte stimulatie. Om efficiënt te kolven, is het belangrijk om steeds een borstschild in de juiste maat te gebruiken. De combinatie van manueel kolven en dubbelzijdig elektrisch kolven, geeft het beste resultaat, zeker bij een opstartende borstvoeding. Samen zorgen ze voor een betere melkafgifte, meer vetrijke melk en minder kans op stuwing. Een effectieve aanpak bestaat uit drie stappen:
- Start met handmatige borststimulatie of kort manueel kolven om de toeschietreflex te activeren.
- Kolf vervolgens elektrisch, bij voorkeur dubbelzijdig, om efficiënt melk af te nemen en de productie te stimuleren.
- Sluit af met manueel kolven om de borst volledig te legen en de laatste melkrestjes op te vangen.
Een kolftoestel kan gehuurd worden via het ziekenfonds of apotheek.
Schakel zo snel mogelijk deskundige hulp in wanneer onderstaande problemen zich voordoen. Je kan hiervoor terecht bij de vroedvrouw, verpleegkundige of een lactatiekundige.
Vlakke of ingetrokken tepels
Bij vlakke of ingetrokken tepels kunnen voorbereidende oefeningen zoals zacht masseren en zachtjes uittrekken van de tepel helpen vlak voor het aanleggen. Tijdens het geven van borstvoeding is het belangrijk om je baby goed aan te leggen, waarbij je ervoor zorgt dat je baby een grote aanhap neemt.
Vertraagde toeschietreflex
Als je baby te vroeg geboren is, kan de toeschietreflex bij mama vertraagd zijn. Stress, medische complicaties of een scheiding tussen jou en je baby kunnen hier ook een rol spelen. Om de toeschietreflex te bevorderen, kan je huid-op-huidcontact toepassen, een (elektrische) borstkolf gebruiken of handmatig kolven en je baby regelmatig voeden.
Tepelkloven
Tepelkloven zijn pijnlijke wondjes aan de tepel. Deze wondjes kunnen aanzienlijke problemen met zich meebrengen, zoals pijn, risico op infecties, moeilijkheden bij het voeden, verminderde melkproductie en emotionele stress. Door een correcte aanhap kunnen tepelkloven meestal vermeden worden. Het kan helpen om tijdens het voeden je houding aan te passen. Bij tepelkloven is het belangrijk om na de voeding een druppeltje moedermelk te gebruiken om het herstel te bevorderen. Laat de moedermelk wel goed opdrogen, anders kan er schimmel ontstaan. Koude kompressen en veilige pijnstillers, zoals paracetamol, kunnen ook helpen om de pijn te verlichten.
Harde plekken of stuwing
Stuwing ontstaat wanneer je veel melk produceert en je borsten niet voldoende leeg maakt. Koude kompressen tussen voedingen kunnen zwelling en pijn verlichten, terwijl warmte vóór het voeden de melkstroom stimuleert en verstopte melkkanalen opent. Een goed passende, niet te strakke beha kan ook helpen om het ongemak te verminderen. Daarnaast kan het innemen van ibuprofen verlichting bieden.
Borstontsteking
Een borstontsteking kan ontstaan door verschillende factoren. Om een borstontsteking te voorkomen, is het belangrijk om een goede borstvoedingstechniek aan te leren. Door regelmatig te voeden of af te kolven, kan je verstoppingen en ontstekingen voorkomen. Mocht je tekenen van infectie opmerken, zoals roodheid, warmte, pijn, koorts, of je voelt je algemeen onwel, raadpleeg dan een vroedvrouw of arts. Antibiotica kunnen nodig zijn om de infectie te behandelen.
Onderproductie
Als je denkt dat je melkproductie te laag is, zijn er verschillende manieren om deze te verhogen. Leg je baby vaker aan (8-12 keer per dag), zorg dat je borsten goed leeg zijn en verbeter het aanhappen. Stimuleer een slaperige baby met borstcompressie of door van borst te wisselen. Regelmatig kolven direct (binnen de 30 minuten) na de voeding kan de melkproductie ook verhogen.
Borstvoeding bij tweelingen
Bij het geven van borstvoeding aan een tweeling is een goede voorbereiding en ondersteuning belangrijk. Je kunt speciale voedingshoudingen gebruiken, zoals de rugbyhouding, waarmee je beide baby's tegelijkertijd kan voeden. Dit bespaart tijd en helpt je de voedingen op elkaar af te stemmen. Als je baby's te vroeg geboren zijn, hebben ze misschien een zwakkere zuigkracht, waardoor het nodig kan zijn om naast borstvoeding ook melk af te kolven om je productie te stimuleren en eventueel bijvoeding te geven.